Veelgestelde vragen

Over vis en gezond

De Belgische groepering van de visindustrie “VIS & GEZOND” staat in voor de vertegenwoordiging van haar leden bij officiële instanties, en voor de verdediging en de bevordering, in de meest uitgebreide zin, van de algemene professionele en corporatieve belangen van haar leden.


De leden van de groepering “Vis & Gezond” zijn Belgische bedrijven actief in de bewerking, verwerking en verkoop van vis en visproducten. Hun werkgebied kan zich zowel op de Belgische als op de ruimere Europese en internationale markten situeren.

Vis & Gezond telt een twintigtal leden – de grootste uit de markt –en dekt daarmee de Belgische sector vrij goed af. De groepering is lid van het Europese orgaan AIPCE dat alle landenorganisaties bundelt.


Elk Belgisch visverwerkend bedrijf (met VE-nummer) kan lid worden van de beroepsvereniging. Het groeiend aantal leden verhoogt de drukkingskracht van de groepering bij het tot stand komen van nationale en Europese regelgevingen. Relevante informatie voor de sector wordt besproken op de ledenvergaderingen of verspreid via e-mail. Zo blijven de leden up-to-date over de evoluties binnen de sector.


De economische rol van de Belgische visverwerkende industrie

De Belgische visverwerkende industrie stelt vandaag nagenoeg 2.000 mensen tewerk en is met een omzet van meer dan 1,1 miljard euro een belangrijke speler in de Belgische economie.


In 2014 bestonden er 271 bedrijven die aan visverwerking deden in België, met concentraties rond de visveilingen in Oostende en Zeebrugge, en een groot aantal vestigingen rond Brussel.


De Belgische visverwerkende industrie heeft een gevarieerd aantal bedrijfsactiviteiten. Tot 22% van de bedrijven doet aan visbewerking (versnijden), 55% doet aan visverwerking (o.a. roken en bereide maaltijden) en 20% deed beide activiteiten. Hierbij is fileren de belangrijkste bewerkende activiteit en zijn roken, diepvries en bereide maaltijden de belangrijkste verwerkende activiteiten.

(bron : Instituut voor Landbouw- en visserijonderzoek)


Over de kwaliteit van de vis voor de Belgische consument

De kwaliteit van de vis die de Belgische consument op zijn bord krijgt, is met de jaren ontegensprekelijk verbeterd. Een onberispelijke houding van onze visverwerkende industrie en concrete initiatieven zoals bijvoorbeeld de autocontrolegids hebben hier een actieve bijdrage geleverd. Op vele vlakken wordt de Belgische visindustrie binnen de Europese Unie aanzien als een voorloper op vlak van kwaliteit en controle.


Over de autocontrolegids

De autocontrolegids is een document dat dient als richtlijn om uw autocontrolesysteem bij te sturen en te laten valideren door een certificeringinstelling. Bedrijven met een gevalideerd autocontrolesysteem zullen een voordeel hebben op het jaarlijks te betalen bedrag van de heffingen t.a.v. het FAVV.


Over duurzaamheid

Een verantwoorde aanpak is en blijft meer dan ooit onontbeerlijk om de duurzaamheid van onze industrie te kunnen waarborgen. Het is dan ook bijzonder hoopgevend om op te merken dat problematieken zoals overbevissing een gunstige evolutie kenden en dat een plichtsbewuste houding haar vruchten afwerpt.


Over de visconsumprie in België

Belgische consumenten zijn binnen Europa gemiddeld relatief grote consumenten van vis, schaal- en schelpdieren. Per persoon wordt in België jaarlijks 25,1 kg gegeten, tegenover 21,8 kg voor de gemiddelde Europeaan en 18,9 kg voor het wereldwijde gemiddelde. (bron: FAO 2011).

25,1 kg slaat op het equivalent levend gewicht equivalent levend gewicht, wat neerkomt op 9-11 kg schoongemaakt en/of verwerkt product.


Volgens cijfers van het VLAM (2015) consumeerde de gemiddelde Belgische consument in 2014 8,9 kg visproducten ter waarde van €99. Hierbij is er een voorkeur voor verse producten (zowel vis als schelp- en schaaldieren). Samen nemen deze twee categorieën meer dan 40% in van de besteding in euro per capita.

De overige presentatievormen van visserijproducten vullen de consumptie aan, met een relatief groot aandeel diepvriesproducten (vis, week- en schaaldieren alsook bereidingen), opgevolgd door verschillende bereide vormen (vissalades en verse bereidingen) en gerookte producten. Vis in bokaal neemt maar een zeer klein deel van de uitgaven in.


De thuisconsumptie van vis week- en schaaldieren bedroeg in 2016 (bron : VLAM) :
1,6 kg verse vis
0,7 kg gerookte vis
2,2 kg verse schaal- en weekdieren
1,2 kg diepvries vis, schaal- en weekdieren


Vis wordt drie op de vijf keer thuis gegeten, twee op de vijf keer buitenshuis (restaurant, grootkeuken, bij vrienden en familie, en afhaalmaaltijden).


In 95 % van de Belgische huishoudens komen regelmatig vis, schaal- en schelpdieren op het menu (gemiddeld 19,5 keer per jaar).


De consumptie van visserijproducten varieert sterk naargelang de leeftijd van de verbruiker. Haring (gezouten, lichtgerookt, gepekeld) kan bv. slechts 8 % van de jongeren onder de 35 bekoren, maar wel meer dan een derde van de 65-plussers. Jongeren willen niet weten van gezouten kabeljauw, maar eten bijna evenveel gerookte zalm als hun ouders. Jongeren verbruiken dan weer meer surimi (68 % tegenover 51 % van de senioren) en gepaneerde vis (60 %).

Uit een analyse van bestedingspatronen over een periode van 20 jaar valt op dat senioren steeds meer verse vis aankopen en hoe ouder ze worden, hoe meer verse vis ze eten.


De kabeljauw blijft de populairste vissoort, op de voet gevolgd door zalm. 43% van de Belgische gezinnen kochten in 2016 verse kabeljauw. Op de tweede plaats volgt verse zalm met 40 kopers op 100. Deze twee klassiekers, zalm en kabeljauw, zijn samen goed voor de helft van de verkoop van verse vis en dit aandeel is, vooral onder impuls van de zalm, groeiend. (bron : VLAM)


Over de verhouding wildvangst - aquacultuur(wereld)

De verhouding van de wereldwijde productie van vis- en visserijproducten bedroeg in 2017, 45% wild gevangen tegenover uit 55% aquacultuurproductie.


Verhouding "Belgische vangst" - import

Omdat de vraag vanwege particulieren, horeca, visverwerkende industrie, blijft toenemen, dient steeds meer vis, schaal- en schelpdieren te worden ingevoerd uit het buitenland. Zo is amper 10% van wat we in België eten aan vis, schaal en schelpdieren afkomstig van de Belgische visserij en aquacultuur.

Vooral visfilets, mosselen, visconserven en garnalen worden geïmporteerd, voornamelijk uit Nederland, en in mindere mate uit Frankrijk en Denemarken.  Kweekzalm komt vooral uit Schotland, Noorwegen, Ierland en Chili. 45% van onze import komt zelfs van buiten de Europese Unie.


Vis, een voedzaam en gezond product (bron : Nutrinews)

Regelmatig vis eten is gezond. Het advies van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen is om ten minste twee porties vis per week te eten, waarbij één van beide porties vette vis moet zijn.


Vis is een uitstekende bron van eiwit, vitamines en mineralen. Vette vis is daarnaast een heel belangrijke natuurlijke bron van essentiële, meervoudig onverzadigde Omega-3 vetzuren.

Vis bestaat voornamelijk uit spierweefsel, eiwitten dus +/- 18%; deze eiwitten zijn van zeer hoge kwaliteit.

Andere waardevolle voedingsstoffen in vis zijn jodium, selenium, ijzer (in een goed opneembare vorm), vitamine A en D( in vette vissoorten), vitamine B6-B12.


Het spierweefsel van vissen bevat weinig bindweefseleiwit (collageen) en daardoor is vis zo licht verteerbaar.


Het vetgehalte verschilt afhankelijk van het soort vis nl. vette of magere:

  • Magere vissoorten 0.2-1% vet: rog, kabeljauw, leng, pladijs, baars, tong…
  • Matig vette vissoorten 1-5% vet: zonnevis, tarbot, roodbaars, zeewolf, tonijn…
  • Vette vissoorten 5-24% vet: forel, makreel, heilbot, zalm, haring, paling…

De vetten van vis bestaan voornamelijk uit onverzadigde vetzuren, waarvan algemeen is geweten dat zij bloedvetverlagend werken. Visolie is bovendien rijk aan omega-3 vetzuren die een beschermende rol spelen bij hart- en vaatziekten en andere welvaartziekten. Omdat visvetten zo laag zijn in verzadigde vetten (slechte vetten) passen zij perfect in een gezonde voeding.

Site by Verdographics